Nieuws

Columbus Junior gaat voor mazelenvrije kinderopvang

17 september 2019

Columbus Junior stelt een vaccinatieverplichting in voor alle kinderen én alle medewerkers, vrijwilligers en stagiaires. Als kinderopvangorganisatie wil Columbus Junior alle kinderen die haar worden toevertrouwd, beschermen tegen ernstige risico’s. Met de recente toename van het aantal uitbraken valt mazelen hier ook onder.

Mazelen een groot risico voor baby’s

Nederlandse kinderen die deelnemen aan het Rijksvaccinatieprogramma worden tegen mazelen ingeënt als zij 14 maanden oud zijn en nogmaals in hun tiende levensjaar. Zij krijgen dan het BMR-vaccin. Dit vaccin beschermt tegen bof, mazelen en rodehond. Ouders kunnen hun baby echter al bij Columbus Junior brengen vanaf het moment dat het drie maanden oud is. Dit betekent dat baby’s 11 maanden onbeschermd onze opvang kunnen bezoeken. Een niet beschermd(e) medewerker of kind vormt een risico voor deze kwetsbare groep kinderen. Bovendien spelen kinderen op de opvang intensief met elkaar, waardoor ziektes snel verspreid worden.

Inventariseren en prikken

Alle medewerkers van Columbus Junior moeten aan kunnen tonen dat zij ofwel gevaccineerd zijn, of de mazelen hebben gehad. In juli is er een inventarisatie gedaan onder het gehele personeelsbestand. Inmiddels heeft praktisch iedereen hier gehoor aan gegeven. Er zijn nu nog ca. 100 medewerkers die onvoldoende beschermd zijn. Deze medewerkers krijgen van Columbus Junior het aanbod om door een arts gevaccineerd te worden.

Binnenkort start een soortgelijke inventarisatie onder onze stagiaires en kinderen. Wij streven naar een 100% vaccinatiegraad binnen onze organisatie en hebben er alle vertrouwen in dat dit doel wordt behaald!

Verantwoordelijkheid

Ziektes, zoals de mazelen, kunnen uiteraard ook buiten onze kinderopvang opgelopen worden. Sebastiaan Dekkers, algemeen directeur van Columbus Junior: “Dat ontslaat ons echter niet van onze plicht om onze opvang zo veilig mogelijk te maken. Gevaarlijke ziektes horen niet thuis in de kinderopvang. We hopen dat meer organisaties ons voorbeeld volgen.”